|
Hoe liberaal kan je zijn in een land in opbouw |
|
|
|
|
Geschreven door Jeannette Baljeu
|
|
vrijdag, 26 juni 2009 00:00 |
|
Ik was twee dagen in Kosovo voor een bezoek aan een conferentie van Zuid/Oost-Europese liberale partijen. Vertegenwoordigers van Slovenië, Kroatië, Roemenië, Kosovo en andere zuid/oost-europese landen. Liberalen bij elkaar, werkend aan hun toekomst. Ik was er als gastspreker vanuit de Europese liberale koepel, de European Liberal and Democratic Reform Party (ELDR) waar ik momenteel vice-president van ben. De Liberale partij van Kosovo organiseerde de conferentie. De partij staat onder het leiderschap van dhr. Pacolli. Dhr. Pacolli is een rijk man. Hij heeft zijn geld verdiend in de bouw. Hij heeft lang in Zwitserland gewoond.
Nu is hij terug in zijn vaderland. De hoop van velen is op hem gevestigd. Dat hij het land er economisch bovenop kan helpen. Hij is heel open. Is de partij op een transparante wijze aan het organiseren. Doet niet alleen het woord, biedt ruimte aan (jonge) mensen binnen zijn partij om hun visie te geven. Ik heb wat tafelgesprekken met hem mogen voeren. Het is een slimme man, met groot zakelijk inzicht. Hij hoeft dit niet te doen, zich politiek voor zijn land in te zetten, hij heeft immers alles. Je voelt echter door zijn woorden heen de emotie. Hij vindt het verschrikkelijk dat mensen die vroeger gewoon met elkaar omgingen dat nu niet meer doen. Hij heeft steun van veel jongeren. In de hoofdstad van Kosovo, Pristina, is 56% van de inwoners jonger dan 25 jaar. Precies die generatie die tijdens de oorlog, 10 jaar geleden, niet hoefde te vechten. Deze jongeren willen vooruit. Willen niet blijven hangen in de angst die de oorlog bij de oudere generaties heeft achtergelaten. Overigens een zelfde angst die uit de verhalen klinkt als van de generatie die in Nederland de oorlog intensief heeft meegemaakt. Ook in Kosovo hoor je de verhalen over angstige momenten als de auto werd aangehouden, alles wat er in zat of bij je had werd afgenomen en je mocht hopen dat je het zou overleven. Daar is dat nog maar tien jaar gelden. Terug naar de conferentie. De liberale leiders van nu willen ook vooruitgang boeken, economie staat hoog op de agenda. Deze liberalen concluderen terecht dat ze echt zelf aan de slag moeten en in eigen landen nog veel moeten hervormen. De EU helpt daarbij maar ze moeten ook echt zelf iets doen, niet alleen hun hand ophouden. Dat klinkt mij goed in de oren. Zelfbewustzijn en zelf actie ondernemen om tot verbetering van je situatie te komen is heel liberaal. Maar als we het bijvoorbeeld hebben over de positie van vrouwen en homo’s is dat een veel minder vanzelfsprekend onderwerp. Daarom stellen we dat ook aan de orde. Want ik snap dat landen in opbouw andere kopzorgen hebben maar ook hier moeten de liberale waarden in de volle breedte worden besproken. Het is goed om als “West-Europese” zo’n conferentie bij te wonen. Zij vechten voor veel basiswaarden die wij in Nederland al normaal vinden. Er zijn vooral ook nog grote verschillen in welvaart. Na zo’n twee dagen leer je weer extra te waarderen wat we Nederland allemaal hebben bereikt. |